Geschiedenis van de Luxemburgse Moezel en zijn wijnen

Twee getuigenissen bewijzen de verre oorsprong van de Moezelwijngaard.

  • Vooreerst Ausone, van Bordelese afkomst en leraar van Keizer Gratianus, die in zijn gedicht “Mosella” daterend uit 371, een kleurrijke beschrijving geeft van de Moezelwijngaard en zijn wijnbouwers.
  • Verder Venant Fortunat, Bisschop van Poitiers, die in 580 schreef: “Waar je ook kijkt zie je druivelaars in dichte rangen tot de hoogste toppen van de heuvels klimmen, hier en daar onderbroken door een witte rots.”

Sinds dit verre verleden heeft de druivelaar onze heuvelruggen niet meer verlaten. Om maar te zeggen dat de druif er flink ingeburgerd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *