Geslachtsorganen die veranderen bij de zwangerschap

Tijdens de zwangerschap neemt de baarmoeder toe in volume . Uit de grootte van de baarmoeder kan men zelfs schatten hoever de zwangerschap gevorderd is.

Deze volumetoename berust op de ontwikkeling van het: metrium (toename in grootte en aantal spiervezels), ontwikkeling van bloed- en lymfevaten, toename van het interstitieel vocht en uitrekking van de baarmoeder door de groei van de vrucht (vooral in de 2de helft van de zwangerschap).

De consistentie van de baarmoeder wijzigt, er treedt een progressieve verweking op, vooral door de ontwikkeling van de bloedvaten en door toename van het interstitieel vocht.

In het 2de semester van de zwangerschap komen er af en toe, met onregelmatige tussenpozen baarmoedercontracties voor, die evenwel niet sterk genoeg zijn om pijn te veroorzaken of de baring in gang te zetten: het zijn de “contracties van Braxton Hicks”.

De vorm van de baarmoeder wijzigt doordat de isthmus, die ligt op de overgang van baarmoederhals en -lichaam, zich gaat uitzetten en alzo het “onderste uterussegment” (O. U. S.) gaat vormen. In de eerste helft van de zwangerschap behoort het tot het baarmoederlichaam dat de vruchtzak omsluit. In de 2de helft van de zwangerschap laat het O. U. S. zich, net als de cervix, passief uitrekken en behoort het tot het weke baringskanaal.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *